Kan je een schenking van het familiebedrijf ongedaan maken en opnieuw doen onder betere voorwaarden?

Veronderstel dat u jaren geleden de aandelen van het familiebedrijf heeft geschonken aan de volgende generatie, maar na een gesprek met uw (huidige) adviseur nu tot de vaststelling komt dat de voorwaarden en modaliteiten waaronder die schenking is gebeurd, niet langer volledig aansluiten op wat u voor ogen had. Kan je dan de initiële schenking ongedaan maken en opnieuw doen onder ‘betere’ voorwaarden? En zo ja, hoe kijkt de fiscus hiernaar?

Over deze vraag diende de Vlaamse Belastingdienst zich eind 2019 uit te spreken in een fiscale ruling. En zijn antwoord was positief: de oorspronkelijke schenking kan in der minne worden ontbonden, waardoor de aandelen zonder schenkbelasting terugkeren naar het vermogen van de oorspronkelijke schenker(s), die de aandelen vervolgens - onder verbeterde voorwaarden - opnieuw kan schenken. Die nieuwe schenking kan dan met vrijstelling van schenkbelasting gebeuren indien alle voorwaarden van het gunstregime voor de overdracht van familiebedrijven hiertoe vervuld zijn. De Vlaamse fiscus bevestigde hierbij dat de hele verrichting niet fiscaal geïnspireerd is, waardoor er ook geen sprake kan zijn van fiscaal misbruik.

De voorgelegde casus …

De casus die aan de Vlaamse fiscus werd voorgelegd, betrof twee broers die beiden op het eind van de jaren negentig aan hun respectieve kinderen een schenking hadden gedaan van de blote eigendom van (certificaten van) aandelen van hun vennootschappen, met voorbehoud van vruchtgebruik. Deze schenkingen gebeurden voor buitenlandse notaris, en werden in België niet geregistreerd.

Zo’n twintig jaar later wensten zij nu, in onderling overleg met hun kinderen, hun respectieve schenking te ontbinden. Zowel de beide schenkers als hun kinderen waren immers van mening dat de uitgevoerde planning en de modaliteiten van de schenkingen niet meer overeenstemden met hun wensen, zowel die van de schenkers als die van de kinderen. Zoals wel vaker blijkt bij aktes uit die tijd, waren de voorwaarden en modaliteiten van de schenkingsakte immers vrij rudimentair geformuleerd. Concreet hadden de ouders en hun kinderen dan ook de wens om een aantal clausules uit de schenkingsakte te herschrijven om het familiale karakter van de geschonken aandelen verder te versterken. Zo wensten zij onder meer:

  • een ruimere formulering van de uitsluitingsclausule in de schenkingsakte, waardoor het ‘eigen’ karakter van de aandelen zou worden versterkt en het voor de kinderen niet langer mogelijk zou zijn om de geschonken vennootschappen via hun huwelijkscontract of via een aanwasbeding aan hun partner te laten toekomen,
  • een bewindregeling in te voeren die zou toelaten om de kinderen en kleinkinderen tot een bepaalde leeftijd te begeleiden bij het beheer van het geschonken vermogen, en
  • de doorgeefplicht (fideicommissum de residuo) uit te breiden om zeker te zijn dat het ondernemingsvermogen binnen de familie zou blijven, aangezien de oorspronkelijke clausule op dit punt niet volledig waterdicht bleek.

Na de ontbinding van de schenking zouden de schenkers meteen een nieuwe schenking doen aan hun kinderen van hun (certificaten van) aandelen, maar ditmaal met die aangepaste modaliteiten. De nieuwe schenking zou gebeuren voor Belgische notaris, met toepassing van de vrijstelling van schenkbelasting voor familiale vennootschappen. Aan de fiscus werd de vraag gesteld wat hij hiervan vond.

… krijgt groen licht van de fiscus

Hoewel het in de praktijk niet zo vaak gebeurt, is het juridisch mogelijk om een schenking in der minne te ontbinden. Een schenking is immers een contract, en kan dan ook met toestemming van alle partijen worden ontbonden. Daarbij wordt de oorspronkelijke toestand hersteld, en keert het geschonken vermogen terug naar de schenker(s). Die ontbinding is bovendien niet onderworpen aan bijzondere formaliteiten; zij kan zelfs onderhands gebeuren, ook wanneer de oorspronkelijke schenking voor een notaris gebeurde.

In de voorgelegde casus erkende de fiscus dat de ontbinding van de oorspronkelijke schenking van het familiebedrijf enkel gebeurde om deze te vervangen door een nieuwe schenking van het bedrijf onder voorwaarden en modaliteiten die beter aansluiten bij de wensen van zowel de ouders als de kinderen. Het teruggeven van de aandelen is dan ook niet te beschouwen als een nieuwe schenking door de kinderen aan hun ouders, en blijft dan ook terecht vrij van schenkbelasting.

Aangezien de daaropvolgende nieuwe schenking door de ouders aan de kinderen kon gebeuren met vrijstelling van schenkbelasting voor de schenking van familiebedrijven, kon de hele verrichting fiscaal neutraal gebeuren. Daarbij bevestigde de fiscus dat er ook geen sprake kon zijn van fiscaal misbruik, gelet op de niet-fiscale motieven voor de ontbinding en de nieuwe schenking, en het feit dat de oorspronkelijke schenkingen al dateerden van meer dan 20 jaar geleden.

Opportuniteiten voor familiale eigenaars

De Vlaamse fiscus bevestigt hiermee voor het eerst dat het mogelijk is om oude schenkingen te ontbinden om meteen opnieuw dezelfde goederen terug te schenken, zonder dat er schenkbelasting verschuldigd is als gevolg van de ontbinding.

En dat opent zeker perspectieven voor familiale aandeelhouders die hun schenking ‘opnieuw’ wensen te doen, maar onder aangepaste voorwaarden en modaliteiten die meer aansluiten bij hun huidige inzichten, in het bijzonder wanneer men aan de voorwaarden voldoet om het familiebedrijf opnieuw te kunnen schenken met vrijstelling van schenkbelasting.

Het kan dan ook de moeite lonen om uw oude schenkingsakte eens terug van onder het stof te halen, om te zien of die niet dient te worden bijgestuurd.