Bertrand Deny – CEO Deny Logistics: “Onze externe coach kan beslissingen objectiveren”

Wie jonger dan dertig is, kan er zich waarschijnlijk niets bij voorstellen, maar mensen met meer jaren op de teller herinneren zich ongetwijfeld nog het spannende gevoel als je de grens met bijvoorbeeld Frankrijk of Nederland overstak. Zou er douanecontrole zijn of niet? Voor gewone stervelingen een spannend momentje, voor familiebedrijf Deny was het decennialang hun core business. Tot 1992. “Tot op het moment dat ze je komen zeggen ‘het was zeer tof wat je daar deed, maar vanaf morgen hoef je dat niet meer doen. Er zijn geen grenzen meer,’” vat Bertrand Deny, vierde generatie en CEO van Deny Logistics die mijlpaal samen. Het was zijn overgrootvader Charles die aan het begin van de 20eeeuw het douaneagentschap Deny startte in de Rijselstraat in Menen. Grootvader George zette de zaak verder en het is Bertrands vader Charles diehet familiebedrijf een boost gaf en in 1992 moest heruitvinden…

Vader Deny kocht een magazijn van 1000 m2 op de L.A.R. (de industriezone Lauwe-Aalbeke-Rekkem) en vrachtwagens om zich voortaan te focussen op de distributie in België. Door een samenloop van omstandigheden is Deny zich gaan specialiseren in de opslag van verpakte chemicaliën. “Een lokale speler zocht een oplossing voor de externe stockage van zijn grondstoffen en afgewerkte producten. Zij waren in het centrum van Menen gevestigd en konden geen verhoging van hun vergunning krijgen,” vertelt Bertrand. “Dan zijn wij in dat gat gesprongen en hebben we die activiteit verder uitgebouwd. Daardoor zijn we vandaag een logistieke speler met 30.000 m2 aan opslag en zijn we een erkend Seveso-hogedrempelbedrijf.”

Geen twee kapiteins

Deny Logistics wordt sinds 2018 geleid door de vierde generatie en is volledig in handen van CEO Bertrand Deny en zijn echtgenote en rechterhand Gudrun Verhaeghe, die de rol van COO op zich neemt. “Mijn broer Benoît is toen uit het bedrijf gestapt en we zijn overgegaan tot een familiale splitsing,” legt Bertrand uit. “Wij hebben de logistieke tak voortgezet en Benoît heeft de immobiliëntak verder uitgebouwd.”

Er was een verschil in visie, geeft Bertrand toe, maar er speelden ook andere aspecten: “Wij hadden bij wijze van spreken al een eerste vergadering gehad in de badkamer voor we op kantoor toekwamen. Bovendien is ons schip te klein voor twee kapiteins en moest er duidelijkheid komen over waar we naartoe wilden. Door die splitsing konden we ons elk op ons eigen terrein verder ontwikkelen en dat is een stukje ons geluk geweest.”

Keuzes maken

In 2021-2022 besloot Deny Logistics zichzelf grondig in vraag te stellen. Waar liggen de sterktes? Waar wordt waarde gecreëerd? En misschien nog belangrijker: waar niet? “We hebben het bedrijf serieus goed doorgelicht,” vertelt Bertrand. “Waar verdienen we geld en waar verliezen we geld?”

Die oefening leidde tot een duidelijke conclusie: de distributieafdeling – jarenlang een vaste pijler – bleek verlieslatend. “Dan heb ik resoluut gezegd: wij stoppen met die distributieafdeling,” gaat Bertrand verder. “We hebben daar een jaar over gedaan om die beslissing te nemen, maar achteraf gezien is dat voor ons een goede zaak geweest.”

De keuze om te stoppen was geen evidente, maar wel een bewuste. Groeien in die activiteit was een optie, maar voelde niet juist. “We hadden daar eigenlijk geen echte ambitie in. Dus hebben we beslist om ons volledig te focussen op onze drie pijlers: douane, expeditie en opslag van verpakte chemicaliën.” Die heroriëntatie bracht rust en scherpte. Minder versnippering, meer focus en vooral: keuzes die aansluiten bij de eigen expertise.

Werk en privé

Diezelfde duidelijkheid zie je ook terug in de interne organisatie. Deny Logistics kiest bewust voor een compact, maar sterk directieteam. “Dat bestaat uit Gudrun en ikzelf, aangevuld met onze CFO en iemand voor business development en naamsbekendheid,” legt Bertrand uit. Daarnaast wordt het team versterkt met een business analist die processen en IT-systemen optimaliseert. “Het is constant monitoren: waar zitten de pijnpunten, waar kunnen zaken beter,” vertelt Gudrun.

De samenwerking tussen Bertrand en Gudrun is daarbij bijzonder. Ze kiezen er bewust voor om werk en privé niet volledig te laten samenvloeien. “We spreken thuis weinig over problemen,” zegt Gudrun. “Als we over werk praten, gaat het vooral over positieve of opbouwende zaken. De miserie proberen we hier te houden.”

De taakverdeling is niet strikt op papier vastgelegd, maar wel duidelijk in de praktijk. “Wij weten redelijk goed van elkaar wie wat doet. En ondertussen weet het personeel ook bij wie ze moeten zijn,” aldus Gudrun.

Een externe blik als klankbord

Hoewel Deny Logistics geen formele raad van bestuur of adviesraad heeft, kiest het bedrijf wel bewust voor externe ondersteuning. Zo wordt er voor milieu- en veiligheidsvraagstukken samengewerkt met gespecialiseerde bureaus. Maar minstens even belangrijk is de rol van een externe coach. “Om de drie maanden hebben we iemand die ons als een echte sparringpartner een spiegel voorhoudt,” vertelt Gudrun. Die persoon fungeert als een soort informele raad van advies. “Hij challenget ons echt,” vult Bertrand aan. “Vroeger moesten we alles bij onszelf aftoetsen. Onze externe coach kan vragen of beslissingen objectiveren, wat moeilijker is met familie.”

West-Vlaamse ‘cadees’

Wie Deny Logistics wil begrijpen, moet ook naar de waarden kijken. Intern worden die samengevat in één opvallend acroniem: CADEE (voor niet-West-Vlamingen: een kadee is behalve een deugniet ook een ondernemende kerel of een uitblinker).

“Wij noemen onszelf cadees,” glimlacht Gudrun. Elke letter staat voor een kernwaarde. Connected, omdat samenwerking – intern én met klanten – centraal staat. Agile, omdat wendbaarheid cruciaal is in een sector die constant in beweging is. Daarnaast is er de typische West-Vlaamse nuchterheid: down-to-earth. Problemen worden pragmatisch aangepakt, zonder overbodige complexiteit. Daarbovenop komen enthousiasme en engagement – twee waarden die volgens Gudrun essentieel zijn om het verschil te maken als relatief kleine speler.

En die cultuur wordt gesmaakt door de klanten. “Ze weten dat ze bij ons geen nummer zijn,” vertelt Bertrand. “We zijn dan misschien wel een kleine speler, onze klanten vertellen ons dat wij de enigen zijn die op zo’n snel tempo en flexibel kunnen meegaan met hun bedrijf.” “Wij worden als het ware het verlengstuk van hun productie- en verkoopafdeling,” vult Gudrun aan. “Ze hebben het gevoel dat ze hun logistiek in huis hebben, terwijl ze die toch uitbesteed hebben aan ons.”

Vijfde generatie?

Met de vierde generatie stevig aan het roer, rijst stilaan ook de vraag naar de toekomst. Is er al sprake van een vijfde generatie? “Onze oudste toont een beetje interesse, maar onze beide kinderen zitten nog in het middelbaar. Dat kan nog helemaal veranderen,” zegt Gudrun. De insteek is duidelijk: geen druk. “Ze moeten helemaal niks,” zegt Bertrand. “Ze moeten vooral doen waar ze goesting in hebben en waarvan ze denken dat ze er goed in kunnen worden.”

Mocht die interesse er effectief zijn, dan willen Bertrand en Gudrun wel duidelijke regels vastleggen. “Als we voelen dat er interesse is, gaan we een charter opstellen. Zodat het op basis van competenties gebeurt en voor iedereen gelijk is,” aldus Bertrand. Maar zover is het vandaag nog niet. De focus ligt eerst op het verder uitbouwen en toekomstbestendig maken van het bedrijf zelf.

Weten wanneer het tijd is

Die toekomstvisie gaat verder dan enkel opvolging. Het gaat ook over loslaten. “In familiebedrijven kan je eigenlijk altijd blijven zitten,” zegt Gudrun. “Maar je moet weten wanneer je tijd gekomen is.” Bertrand sluit zich daarbij aan. “Ik wil geen karikatuur van mezelf worden. Je moet beseffen dat de wereld verandert, en dat je moet mee veranderen.”

Het idee is niet om abrupt te verdwijnen, maar om geleidelijk ruimte te maken. “Je moet ervoor zorgen dat je bedrijf future-proof is,” legt Bertrand zijn visie uit. “Op een bepaald moment moet je mensen ruimte kunnen geven. Het moet een ongelooflijke voldoening geven om jonge mensen te helpen en motiveren. Zodat zij kunnen verderzetten wat jij hebt opgebouwd.”

Terug naar het overzicht

Opvolgersscan

Als eigenaar/bedrijfsleider van je familiebedrijf heb je wellicht het liefst dat één of meerdere kinderen op een bepaald moment het roer overnemen.

Maar hoe bepaal je als ouders objectief of je kinderen hiervoor aangewezen zijn? Patrick De Schutter ontwierp hiervoor de Opvolgersscan.

Een niet-familiale CEO: zes aandachtspunten

Samenwerken met een niet-familiale CEO loopt niet steeds van een leien dakje.

Jozef Lievens stipt 6 factoren aan die het aantrekken van en de samenwerking met een externe CEO kunnen maken of kraken.

Meer weten?

Vier soorten governance in het familiebedrijf

Er wordt vaak beweerd dat governance in familiebedrijven complexer is dan in niet-familiebedrijven. Dat is ongetwijfeld juist. De oorzaak hiervoor is te vinden in het feit dat een familiebedrijf bestaat uit een aantal componenten die elk een aparte soort governance vereisen.

Volgens Jozef Lievens zijn er vier soorten governance vereist :

  • ownership governance
  • business governance
  • family governance
  • wealth governance
Lees meer

Raad van bestuur of raad van advies

Veel familiale ondernemers stellen zich de vraag of ze beter met een echte raad van bestuur of met een raad van advies van start gaan. Volgens Sofie Lerut hebben beide pistes zekere voordelen, maar er zijn belangrijke verschillen.

Lees meer