Familiaal eigenaarschap levert betere resultaten op

23.05.2016
Governance Strategie

Beursgenoteerde familiebedrijven presteren gemiddeld beter dan niet-familiaal geleide ondernemingen. Dat blijkt uit een nieuwe analyse van bijna 90 beursgenoteerde Belgische bedrijven (De Tijd, 21 mei). Het Instituut voor het Familiebedrijf is niet verrast. Gedelegeerd bestuurder Jozef Lievens: “Familiebedrijven streven naar continuïteit, waardoor ze zowel met hun medewerkers, partners als klanten zeer loyale relaties onderhouden. Bovendien zijn ze ook in staat om snel te beslissen, wanneer het nodig is. Dat blijken de sleutels tot het succes te zijn.”

Er is de jongste tijd veel onderzoek gepubliceerd, waaruit blijkt dat familiebedrijven financieel beter presteren dan niet-familiebedrijven. In ons land reikt Patrick Millecam interessante analyses aan. Hij onderzoekt al jaren fundamentele waardecreatie van ondernemingen, die hij definieert als de boekwaarde per aandeel, waar de netto-dividenden worden bijgeteld. In zijn top 10 van best presterende Belgische bedrijven de afgelopen 10 jaar staan liefst 6 familiebedrijven: Lotus Bakeries, Colruyt, Texaf, Sipef, CFE en Jensen Group. En ook de globale resultaten van Millecams onderzoek bewijzen dat familiebedrijven het goed doen. In het onderzochte staal van 86 bedrijven behaalden de familiebedrijven een gemiddelde fundamentele waardecreatie van 5,6 procent per jaar over de afgelopen tien jaar. Dat is ruim vier keer beter dan de niet-familiebedrijven, die een gemiddelde fundamentele waardecreatie van slechts 1,62 procent lieten noteren.

De vier C’s van het succesvolle familiebedrijf

Voor een verklaring van die sterke prestatie, verwijst Jozef Lievens van het IFB naar het standaardwerk ‘Managing for the long run’ van professor Danny Miller en Isabelle Le Breton-Miller: “Zij hebben de sleutel tot het succes van familiebedrijven onderzocht. Hun bevindingen vatten ze samen in de 4 C’s van het succesvolle familiebedrijf: continuity, community, connection en command.” “In een succesvol familiebedrijf staat continuïteit (continuity) voorop. Dat heeft niet louter te maken met een streven naar winst, maar wel omdat continuïteit deel uitmaakt van de fundamentele missie van het familiebedrijf. Een langetermijnvisie staat dus voorop, en dat laat toe om te investeren in de kerncompetenties en in langdurig leiderschap. Gewoonlijk staat een generatie zo’n 24 jaar aan het hoofd van het familiebedrijf tot de volgende klaar is om over te nemen.”

“Een tweede factor van succesvolle familiebedrijven is loyaliteit van hun personeel (community)”, licht Lievens toe. “Familiebedrijven zijn dikwijls echte gemeenschappen waarin de familie en de medewerkers zij aan zij proberen de missie te realiseren. Die houding wordt versterkt door het definiëren en beleven van sterke waarden, die systematisch aan iedereen worden meegegeven. Bovendien moedigen succesvolle familiebedrijven informele structuren, initiatief en teamwork aan.” Ook ten aanzien van hun zakenpartners en klanten stellen familiale ondernemingen zich loyaal op, en streven ze naar hechte relaties (wat Miller en Le Breton-Miller definiëren als connection).

Ten slotte typeren succesvolle familiebedrijven zich ook door de snelheid waarmee ze beslissingen kunnen nemen en dus kunnen inspelen op opportuniteiten (command). Jozef Lievens: “De korte beslissingslijnen in een familiale onderneming maken veel mogelijk. En ze stimuleren ook de innovatie. Een eendrachtig maar divers managementteam is daarbij een belangrijke succesfactor, net als de keuze voor originele strategieën.”