Karel Cardoen is geen CEO meer

Het autobedrijf Cardoen moet het voortaan stellen zonder Karel Cardoen in de operationele leiding. De man die het bedrijf groot maakte en eind 2015 grotendeels verkocht bij gebrek aan familiale opvolging, stopt als CEO. Hij geeft het roer nu door, maar blijft nog wel een zitje houden in de raad van bestuur.

Karel Cardoen is 65 en stopt als CEO van het autobedrijf dat door zijn vader werd opgericht in 1949. Zowat een jaar geleden verkocht hij twee derde van de onderneming aan Kebek, het investeringsfonds van Gert Van Huffel en Floris Vansina. Dat fonds wil vooral investeren middelgrote Belgische (familie)bedrijven die een potentieel hebben om te groeien.

Bij de overname was de bedoeling dat Karel Cardoen nog een tijd zou doorgaan, zo schrijft De Tijd (19 januari). Kebek wil vijf tot zeven jaar actief zijn in de autobranche, en Cardoen zou tot die tijd het bedrijf blijven leiden als CEO. Samen zouden ze de keten daarna opnieuw verkopen. Toen de CEO hoorde dat Wim Vos vertrokken was als CEO van de VAB-groep, trok hij aan zijn mouw om de groep van autosupermarkten te komen leiden. Vos ging op dat aanbod in.

Een nieuw bedrijf

“Uiteraard kunnen we ons niet uitspreken over de specifieke situatie bij Cardoen. Maar een familiale ondernemer die na de verkoop van zijn bedrijf aan boord blijft, komt vaak in een nieuw, heel ander bedrijf terecht”, merkt Jozef Lievens, co-gedelegeerd bestuurder van het IFB, op. “Hij is niet langer de enige die beslissingen neemt en moet nu ook rekening houden met de mening, wensen en verwachtingen van de overnemer, die als nieuwe aandeelhouder de strategische lijnen uitzet.”

Bovendien kan het ook emotioneel een moeilijk proces zijn. Lievens verwijst naar een onderzoek van de Nederlandse psycholoog Maarten van de Kimmenade, die de psychologische effecten van de verkoop van een familiebedrijf onderzocht: “Hij wees onder meer op de paradox die een verkoop met zich meebrengt: de verkopers worden financieel beloond voor hun jarenlange inspanningen. En vaak hebben ze ook het gevoel om een stuk verlost te zijn van de zorg voor het bedrijf.”

Ambivalent gevoel na de verkoop

Maar tegelijk is er een ambivalent gevoel bij de verkopers, zo stelde van de Kimmenade vast. “Zo bleek maar een kwart van de ondervraagde familiale verkopers tevreden te zijn over de gang van zaken na de overname. Ze getuigden over ontevredenheid over veranderingen, het feit dat ze zich slecht kunnen vinden in nieuwe strategieën en een veranderende cultuur in het bedrijf”, vertelt Jozef Lievens.

“Een element dat overigens ook meespeelt, en niet te onderschatten is, is het feit dat de ondernemer voor een stuk de dynamiek mist van het ondernemen. Vaak treedt met de overnemers immers een periode aan van professionalisering en structurering. Het kan de indruk geven dat het bedrijf bureaucratischer wordt, wat minder familiaal, terwijl het vaak net een stap is om toekomstige groei mogelijk te maken”, besluit Jozef Lievens.