Niet-familiale CEO wordt voorzitter Lego

08.12.2016
Governance Strategie

Verrassende wending deze week bij het familiebedrijf Lego, bekend van de speelgoedblokjes. CEO Jorgen Vig Knudstorp die het bedrijf in 12 jaar tijd van dieprode cijfers weer zeer winstgevind maakte, geeft de fakkel door en wordt voorzitter van Lego. Tegelijk komt er een nieuwe niet-familiale CEO aan het hoofd te staan, de Brit Bali Padda, die eerder operationeel directeur was.

Toen Jorgen Vig Knudstorp in 2004 als CEO werd aangesteld, was hij de eerste niet-familiale CEO van Lego. Het bedrijf maakte op dat moment 1 miljoen euro verlies. In 2015, na een gestage heropstanding, boekte het een nettowinst van 1,2 miljard euro op een omzet van 5 miljard. (De Tijd, 6 december).

“Het is duidelijk dat de familie Kristiansen er goed aan gedaan heeft om destijds een externe CEO te benoemen om het bedrijf weer op het juiste spoor te brengen”, stelt Jozef Lievens, co-gedelegeerd bestuurder van het Instituut voor het Familiebedrijf. “Lego was zoekende naar nieuwe opportuniteiten maar de diversificatie in andere niches dan de speelgoedblokjes had niet het verhoopte succes gebracht.”

Back to basics: succesfactor

Knudstorp was 35 jaar toen hij CEO werd en zette een verrassend eenvoudige strategie op: back to basics. De felgekleurde blokjes kwamen opnieuw centraal te staan, het productaanbod werd vereenvoudigd en tegelijk werd ondermeer een succesvolle alliantie gesloten met filmmaatschappij Warner Bros.

Jozef Lievens: “Uiteraard komt succes niet in één dag en moet er hard gewerkt worden om de strategie in de praktijk te brengen. Maar ons recente onderzoek naar succesfactoren bij langlevende familiebedrijven heeft ook geleerd dat ze vaak voortbouwen op het verleden. Vanuit een groot respect voor de traditie, vinden ze inspiratie voor vernieuwing en evolutie. Dat is precies wat we hier ook hebben gezien in het voorbije decennium.”

Goede afspraken en rolverdeling nodig

Jorgen Vig Knudstorp groeit nu door in het bedrijf en mag voortaan de functie van voorzitter uitoefenen. “Dat is een grote stap voor een familiebedrijf, maar het is lang geen unicum. In eigen land hebben we bijvoorbeeld bij Bekaert gezien hoe Bert De Graeve na een succesvolle periode als CFO en CEO van het Bekaert aangezocht werd om voorzitter te worden”, aldus de IFB-expert. “Dat heeft als grote voordeel dat de voorzitter het bedrijf door en door kent.”

Toch schuilen er ook risico’s in dergelijk scenario, waarschuwt Jozef Lievens: “De voorzitter moet zich aanpassen aan zijn nieuwe rol en moet er zich voor hoeden zich als een schoonmoeder van de nieuwe CEO te gedragen. De nieuwe bedrijfsleider moet de kans krijgen zijn eigen stempel te drukken en zijn autoriteit te vestigen in het familiebedrijf. Goede afspraken en ook een duidelijke rolverdeling tussen de nieuwe voorzitter en zijn opvolger als CEO zijn cruciaal.”